Wat is deflatie?

Hoogste spaarrente » Kennisbank » Wat is deflatie?

Als we spreken van deflatie, bedoelen we hiermee het algemene, significante en chronische dalen van het prijsniveau van producten, goederen en diensten. Dit betekent doorgaans dat de prijsdaling niet alleen maar van toepassing is op bepaalde producten in het representatieve boodschappenmandje van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Vrijwel alle producten en diensten worden goedkoper. Deflatie is dus de tegenhanger van inflatie, een algemene prijsstijging.

Meestal zijn dalende prijzen uitzonderlijk. Deflatie komt normaal gesproken alleen maar voor in landen of valutagebieden die te maken hebben met een recessie. Het monetaire en economische beleid probeert meestal de deflatieneigingen (deflatiespiraal, hierover later meer) tegen te gaan.

De Europese Centrale Bank (ECB) voert een dergelijk beleid al jaren uit, en streeft een inflatiedoel na van twee procent. Zodra de inflatie lager uitvalt dan deze twee procent, bestaat er een groter risico op deflatie.

Hieronder geven we je ook een antwoord op de volgende vragen:

Hoe ontstaat deflatie?

In principe wordt deflatie veroorzaakt door een lagere vraag vanuit de markt dan dat er aanbod is. Hierdoor is er een overschot aan diensten en producten. Omdat er minder vraag is, wordt de prijsdruk hoger en dalen dus de prijzen.

Consumenten ontvangen nu meer producten en diensten voor hetzelfde bedrag dan voorheen. Toch wordt deflatie zelden veroorzaakt door één bepaalde factor. Vaak is het een samenspel van verschillende factoren. Belangrijke ‘aanjagers van deflatie’ kunnen zijn:

  • Meer afwachtende houding van consumenten en investeerders: Als mensen ervan uitgaan dat de algehele economische situatie slechter zal worden, zijn consumenten vaak voorzichtiger bij het uitgeven van geld. Bedrijven doen minder investeringen. Hierdoor is er minder vraag naar goederen.
  • Minder geld vanuit de Centrale Bank: De Centrale Bank volgt een restrictief monetair beleid en pompt minder geld in de economie.
  • Andere verwachtingen met betrekking tot de devaluatie van de nationale munt: Stel dat buitenlandse investeerders verwachten dat de euro binnenkort in waarde gaat stijgen. In dit geval, zullen ze vandaag al meer geld opzijzetten in de gemeenschappelijke Europese valuta. Dit zorgt voor meer kapitaal op de markt, waardoor de rentes dalen en het goedkoper wordt om veel goederen te produceren. Hierdoor worden ook producten goedkoper.
  • Minder buitenlandse vraag: Een lagere exportvraag heeft invloed op de prijzen in een bepaald land. Dit kan zorgen voor een daling van het bruto binnenlands product (bbp) van de nationale economie.
  • Restrictief beleid voor staatsuitgaven: Als een staat besluit om in de ‘spaarstand’ te gaan, heeft dit invloed op de publieke vraag naar goederen en publieke investeringen. Dit drukt de gemiddelde prijzen binnen een economie.
  • Minder snel circulerend geld: De geldcirculatie laat ons zien hoe vaak geldbedragen binnen een valutagebied van eigenaar wisselen. Zodra het geld deze cyclus sneller doorloopt, heeft dat dezelfde werking als wanneer er meer geld ter beschikking staat. Kleinere geldbedragen met een hoge omloopsnelheid hebben net zoveel ‘monetair potentieel’ als grote geldbedragen met lagere omloopsnelheden.

Wat zijn de gevolgen van deflatie?

De serieuze uitwerkingen van deflatie waren zichtbaar tijdens de Grote Depressie in de jaren ‘20 en ‘30 van de vorige eeuw. Tussen 1929 en 1933 kregen veel industrienaties te maken met een sterke daling van de consumentenprijzen. Een desastreus voorbeeld van deflatie.

Bij onze oosterburen daalden de prijzen met maar liefst 30%. Vanaf 1929 veroorzaakte de crisis massale werkloosheid, omdat werkgevers de lonen niet net zo snel konden laten zakken als de prijzen. Daarom moesten ze werknemers ontslaan.

Zodra de werkloosheid toeneemt, wordt er nóg minder geconsumeerd. Tijdens de financiële crisis, zorgde dit ervoor dat er nog meer werknemers ontslagen werden. In 1930 telde Nederland nog ongeveer 150.000 werklozen. Vijf jaar later, waren dit er bijna 600.000. Proactief monetair beleid is nodig om zulke ontwikkelingen te voorkomen.

De economie van Japan worstelt al tientallen jaren met deflatie. De Centrale Bank van Japan doet er alles aan om deze negatieve spiraal te doorbreken. Maar dit is ingewikkelder dan het lijkt, onder andere vanwege de zogenaamde deflatiespiraal.

Deflatiespiraal

Een deflatiespiraal ontstaat zodra de verwachting dat de prijzen gaan dalen, het economische gedrag zo beïnvloedt, dat deze tendens alleen maar verder versterkt wordt. Samen met de trend van dalende prijzen, trekt dit de volledige economie naar beneden.

Wat te doen tegen deflatie?

Deflatie is zeer ingewikkeld te bestrijden. Daarom doen centrale banken er ook alles aan om deflatie te voorkomen. Soms lijkt het alsof de geldkraan overbodig opengedraaid wordt. Maar de reden hiervoor, is dat deflatie bijzonder moeilijk te doorbreken is. Monetair beleid heeft slechts een beperkt effect zodra deflatie een feit is.

Wat is beter: inflatie of deflatie?

Deze vraag kun je alleen beantwoorden door het vanuit het perspectief van de algehele economie te bekijken. Voor consumenten, lijkt deflatie een aantrekkelijk idee. Alles wordt goedkoper. Maar deflatie gaat gepaard met heftige gevolgen en leidt bijvoorbeeld tot werkloosheid. Een gezonde inflatie kost iedere consument geld, maar dit betaalt zich terug in de vorm van een gezonde economie.

Deflatie in 2021?

Om de effecten van de coronacrisis tegen te gaan, is de geldkraan opengedraaid. Dit zorgt ervoor, dat veel bedrijven die misschien eigenlijk failliet moeten gaan, kunnen blijven bestaan. Productie is daarnaast goedkoper geworden, onder andere door lage olieprijzen. 

Investeren is momenteel heel goedkoop door de lage rentes. Dit alles zorgt ervoor, dat sommige economen zich ernstig zorgen beginnen te maken over deflatie. Een hoge vraag naar goederen en producten na de crisis, kan deze situatie verhelpen en deflatie voorkomen.